|
Au clair de la lune (Trad.) bewerking: Jan Turkenburg |
|
Dit is het allereerste liedje dat ik als kind op mijn blokfluit kon spelen, zij het "ietsje" langzamer dan je hier hoort. Ik had toen geen idee dat het eigenlijk een soort liefdesliedje is. Lubin gaat in het maanlicht 's avonds bij Pierrot om een pen en een kaars komt vragen. Hij wil een briefje schrijven. Pierrot die al op bed ligt, zegt dat hij maar bij de buurvrouw moet aankloppen, want hij hoort haar nog in de keuken bezig. Lubin klopt bij de buurvrouw aan. Zij doet open en ze zoeken samen naar een pen en een kaars. En hoe dat afloopt? Tja, dat vertelt het liedje niet... |
Au clair de la lune, mon ami Pierrot Prête moi ta plume pour ecrire un mot! Ma chandelle est morte. Je n'ai plus de feu Ouvre moi ta porte. Pour l'amour de Dieu" Au clair de la lune Pierrot repondit "Je n'ai pas de plume. Je suis dans mon lit Va chez la voisine. Je crois qu'elle y est Car dans la cuisine. On bat le briquet" Au clair de la lune. L'aimable Lubin Frappe chez la brune. Ell' répond soudain: "Qui frappe de la sorte?" Il dit à son tour: "Ouvrez votre porte, pour le dieu d'amour" Au clair de la lune on n'y voit qu'un peu On chercha la plume. On chercha du feu En cherchant d'la sorte, je n'sais c'qu'on trouva Mais j'sais que la porte sur eux seferma |